|
![]()
|
Mijn tweede eendje was een AZU250 uit 1975. Ik had dan wel een AK 400 gekocht als eerste auto, maar ik vond die kleine versie toch wel leuk. Jammer dat die kleintjes oorspronkelijk de 435CC motor hebben, maar toch. Mijn wens van dat moment was een WegenWacht-eendje na te bouwen. Later kwam ik erachter dat een er nooit een 250 versie van de WW-eend was geweest helaas. Ik kocht dat ding in mijn utrechtse dagen in de buurt van de Amsterdamsestraatweg. Er was een busje achterop gereden en dus zat er een enorme deuk in de achterkant. Vermoedelijk was ook het chassis krom, maar daarvan had ik toen nog geen weet. Ik stalde de auto bij een garage in de buurt op het erf. De motor deed het niet meer dus heb ik hem er in mijn eentje DUWEND heen vervoerd. Later werd de stalling opgezegd en moest hij weer teruggeduwd worden ! Toen heb ik hem verkocht aan mijn toenmalige grote vriend en 2CV-inspirator Jos Haas, die een aardige verzameling bezat destijds. Hij ging hem gebruiken als basis voor de restauratie van een 1959 AZU......uiteindelijk was hij het verzamelen beu en is de wagen na zeeeeer veel werk naar de oudijzerboer gegaan ! Tenminste, dat dacht ik. Jaren en jaren later las ik dat iemand het half afgemaakte projekt had gekocht en er nog een stapje verder mee was gegaan; de huidige eigenaar heeft er een pick-up van gemaakt, die regelmatig op bijeenkomsten te zien is (anno 2002). Mijn derde eendje kwam ik door een tip van mijn moeder op het spoor. Ik studeerde toen aan de Universiteit van Utrecht en ik het krantje daarvan stond een andere AZU 250 te koop. Een 74'er. Leuker model door de oude aluminium grille en de ronde koplampen. Hij was best wel rot en ik sprak af dat ik hem ter plaatse in Werkhoven mocht slopen. Die mensen moesten er vanaf omdat ze gingen verhuizen en de auto voor oud vuil in de schuur stond. De ronde koplampen en oude grille gingen op mijn 75'er, bovendien had ik nu een voorraadje reserveplatwerk, waaronder goede achterdeurtjes; mijn tweede eendje had namelijk een grote deuk achterop (zie boven). Mijn vierde was een AK400 van 1974, die ik had aangeschaft voor 400 gulden met de bedoeling er een aanhanger van te maken. Uiteindelijk bleek de voetenbak en de verdere cabine zo gaaf dat ik het niet over mijn hart kon verkrijgen om hem in tweeën te zagen ! Hij verdween in 1984 naar de stalling en na diverse verhuizingen kwam hij er in Juli 1986 pas uit...... om verkocht te worden wegens teveel auto's en te weinig tijd. In plaats van deze AK400 door te zagen kocht ik later een kant en klare AK400-aanhanger, ook voor 400 gulden, dat scheelde een hoop werk. Na wat zoeken kwam er dan eindelijk een rijdende AZU250 uit 1973, de vijfde auto.Mijn eerste 250 was al verkocht, dus ik was verder gaan speuren. Deze kocht ik in Rotterdam van een liefhebber, die geen tijd meer had voor wel 900 piek, maar ja er zat dan ook een nieuw chassis onder ! Rijdend met dat geval naar mijn ouders in Brabant gereden...gewoon onverzekerd.....dat deed ik in mijn jeugdige onschuld toen nog....gelukkig is er nooit wat gebeurd ! Motor liep perfekt alleen remde ie voor geen meter. Onder de carport van mijn ouders begonnen met demontage. Eerst het chassis gedaan en de draagarmen. Chassis had een klein roestgaatje wegens lekkage (aan de bovenkant dus). Toen het koetsje....was her en der rot, dus uiteindelijk in stukken geslepen en die stukken bewaar ik nog immer...het chassis is er ook nog, komt nog wel eens van pas als ik weer eens een korte besteleend ga opknappen. Er zat een kenteken op van 1980, toen ik eens goed keek, zag ik dat de oorspronkelijke blauwe plaat er nog onder zat ( zie foto). Na een jaar met mijn eerste auto (de AK400 kampeerauto) gereden hebben vond ik het toch wel zonde om ermee door de pekel te gaan. Inmiddels had ik hem bij een bedrijf van kennissen (buurtgenoten) opgeknapt met veel zandstralen en vertinnen van de gaten, tevens een reconstructie van het achteronder met CO2. Dus ik zocht een winterauto. In "DE STEM" (Bredase krant) stond een advertentie; te koop 2CV rijdt niet rot, f 200,=. Ik vroeg me af of ie niet rot was en ook nog reed, of dat ie niet rot reed. Maar goed.....het bleek een Dyane6 te zijn. En daar had ik toen zo'n hekel aan omdat ik het maar mislukte eenden vond. De auto was inderdaad zeer gaaf en reed goed, dus kocht ik hem maar en het werd auto nummer 6. Tweehonderd piek is een koopje immers. Op de terugweg naar huis begonnen de remmen te stinken. En die waren pas vernieuwd, toch vreemd ! Bleek uiteindelijk dat ze de rechterremsegmenten links hadden gemonteerd en rechts de linkse. Heel knap; de handremkabels maakten daardoor zo'n chicane dat ze de boel vast trokken. Dat had ik dus vrij snel verholpen.... Er volgden nog vele maanden Dyane-plezier....die vijfde deur en opklapbare achterbank geven haar laadcapaciteiten van de besteleend en de stroomlijn zorgt voor meer snelheid en minder verbruik.
Auto nummer zeven was alweer een 250'je..... Het was niet veel soeps, maar het kostte dan ook slechts 150 gulden... Op weg naar sloperij Frans van de Mosselaar te Dongen reed ik langs een huis, waar deze 250 stond. Destijds was ik druk bezig met het "besteleendregister" op te zetten, dus deed ik een briefje onder de ruitenwisser. Het eindresultaat was dus dat de auto te koop werd aangeboden. Hij was toen pas 8 jaar oud, maar best wel rot en de originele 2CV4-motor was totaal versleten met slechts ruim 100.000 km op de teller. De topsnelheid was niet boven de 40 per uur te krijgen. De auto ging dus snel de stalling in. Wou hem gebruiken als basis voor de restauratie van een oude AZU ofzo....... Uiteindelijk -na een jaartje in de stalling- kreeg mijn beste vriend Dirk Sinnema interesse, want hij zocht iets leuks om te restaureren. Toen was het snel geregeld...... Als ruil kreeg ik van hem wat privélessen in het lassen en dat bleek een goede investering in de toekomst. Een aantal jaren later belandde de auto weer terug bij mij; gerestaureerd en wel. Omdat het eigenlijk een andere auto was geworden, heb ik hem opnieuw in de collectie opgenomen als nummer 26. Ik kocht na een poosje een sloopdyane voor de onderdelen (auto nummer 10). Dat was een verhaal apart. De kleur was hetzelfde dus makkelijk om plaatwerk uit te wisselen. Ik ging hem halen in Hilversum, mijn vader had me daar afgezet. Toen bleek dat ie niet wou starten. Om een lang verhaal in te korten bleek dat het stroomtouwtje tussen de bobine en de puntjes inwendig kaduuk was. Met een bypass was het euvel verholpen. Maar de accu was plat, dus moesten we tussendoor naar mijn woning in Utrecht om een accu te halen, vertraging dus. Uiteindelijk reed ik hem naar Brabant, naar mijn ouders' huis. Toen bleek dat ie ook nog eens niet remde. De vorige eigenaar waren nog achter me aan gereden omdat ze zagen dat er remvloeistof onderuit lekte, maar ze konden me niet inhalen. Wonder boven wonder veilig bij pa en ma gearriveerd. Lekker onverzekerd natuurlijk, want dat durfde ik nog toen ik pas twintig was !! Mijn elfde eend was een heuse AK350 . Dit type was in mijn begindagen al zeer zeldzaam, het grotere broertje van de AZU, met 602CC motor. In Lelystad, bij de toenmalige eendengarage deusjevoo trof ik er één met origineel hollands kenteken. Het ding was neusloos en best wel rot, maar ik moest en zou hem hebben. Ik huurde bij Wolders een oprijwagen....dat ging bijna fout omdat ik minder dan een jaar mijn rijbewijs had en dus eigenlijk niet mocht huren, maar na wat gezeur kon ik voor de eerste en zeker niet de laatste maal in mijn leven een transporter van hun huren, het viel niet mee met zo'n bak te rijden als nieuwkomer op des hollands wegen, maar het transport kwam tot een goed einde ! De AK ging eerst naar mijn ouders en later naar mijn eerste gehuurde garage in Oosterhout-noord, waar ik hem met moeite naast mijn eerste kleine ribbel AZU propte. Later bleek dat ie toch erg rot was, dankzij zijn langdurige verblijf in de Flevopolders (hij was geel gespoten ondanks het originele donkerrood) en kon ik een betere origineel hollandse AK350 kopen.....toen werd deze aanwinst alsnog gesloopt, het kenteken leve voort...altijd handig. Helaas kon ik ook toen nog niet lassen anders had ie vast nog wel voortgeleefd. Mijn twaalfde was wederom een Dyane ! Wederom een samenloop van omstandigheden. Jim van der Put, een oud Eendeëi-gediende belde me toen ik nog in Utrecht woonde dat hij benaderd was door iemand in Rotterdam die van zijn 1971 435CC Dyane af wilde. Ik ging kijken en trof een zeer gave auto aan. Was oorspronkelijk lichtblauw geweest, maar was door de eigenaresse bij de Mercedes-garage, waar haar man zij auto in onderhoud had, geel gespoten, tevens voorzien van een nieuwe ruilmotor. Het was wel een viertje (verguisd door velen) maar het ding liep als een speer, alleen tegenwind kon haar deren ! Anders ging ie als de brandweer !!! Een jaar later woonde ik zelf in de buurt waar ik haar had gekocht en werd ik getroffen door zeer ernstig noodlot; zij werd gestolen en gejoyride....een hopeloos verhaal, lees verder op haar eigen pagina (die ik nog moet schrijven). Het is nooit meer goed gekomen, maar ik heb er toch veel plezier van gehad...zeer veel plezier....en dat voor een VIER ! Deze auto verving mijn eerste Dyane als winterauto...deze was gaan rotten en ik kon toen nog niet lassen helaas. Een tijdje nadat de schade van het joyriden hersteld was is de auto de stalling in gegaan, omdat ik hem weer helemaal netjes wilde maken, helaas is dat er nooit van gekomen en diende zich een liefhebber aan in 1996, die heeft de Dyane toen meegenomen. Als het goed is rijdt de auto nog rond ! Of in ieder geval het kenteken ;-) De dertiende auto was wederom een besteleend en wel een blauwe AZU250. Omdat alle eerdere 250-projecten min of meer op een mislukking uit waren gedraaid wegens het (nog) niet kunnen lassen etc, kocht ik dan maar een rijdend exemplaar in Rotterdam. In de kleur bleu lagune, dat zie je maar zelden, dus ik was er blij mee. Helaas zat er wel een lelijke schade rechtsachter, die is al die jaren gebleven met uitzondering van het vervangen van het rechter achterscherm, zodat het er nog een beetje fatsoenlijk uit zag. Met veel plezier met deze besteleend drie weken door Frankrijk getoerd in de zomer van 1986 samen met Dirk Sinnema, die de "posteend" toen net rijklaar had, nog vóór de spuitbeurt met gele franse post verf. Mooie foto's gemaakt van deze 250'jes onderweg ! Helaas was er ook voor deze besteleend een tiet van gaan, want hij stond op een bepaald moment al zo lang stof te happen en inmiddels had ik de "posteend" ook in bezit gekregen, die nagenoeg identiek is (op de plastic grille en de vierkante koplampen na dan). In Juli 2006 uit de stalling gehaald en uiteindelijk begin Januari 2007 verkocht aan een serieuze liefhebber, die hem in korte tijd weer rijvaardig heeft gemaakt en er lekker mee rond tuft. Op zo'n manier is het niet al te spijtig om eens een keer wat te verkopen. Auto nummer veertien was er ééntje tegen wil en dank. In die tijd stopte ik onder de ruitenwissers van alle besteleenden die ik op straat tegenkwam een flyertje van mijn besteleenden-register. Het is een paar keer gebeurd dat er dan na verloop van tijd een reactie kwam dat de auto te koop was en of ik er iemand voor wist. Zo ook verliep het met deze AK400. Een fleurig oranje exemplaar in vrij aardige staat. Ik kocht hem geloof ik voor 100 gulden en reed er korte tijd later mee naar mijn ouders in Brabant (ik woonde toen nog in Utrecht). Helaas bleek dat de dynamo niet bij laadde, dat was ik éééven vergeten te controleren. Omdat het donker begon te worden moesten de lichten aan en ja hoor; uiteindelijk was de accu leeg. Mijn moeder is me toen geloof ik komen halen, 15 kilometer van de bestemming verwijderd. Wonderlijk genoeg was de eend niet aan de straatstenen kwijt te raken, dus heb ik hem maar naar het Eendeëi in Rotterdam gereden en heb hem daar met vereende krachten in stukken gezaagd met mijn nieuwe decoupeerzaag. Jammer hoor, want het was geen slechte auto. Nummer vijftien DF-07-75 "het beest" Nummer zestien AMI8 Break Breda Nummer 18; Zizipeeke Nummer 22: Dyane 36VD11 Heijplaat
De drieentwintigste was een redelijk fameuze AK350, door het leven gaand onder de naam B3. Helaas heeft deze auto geheugenstaal. Ooit werd hij gekocht van ene Rob Hinze uit de omgeving van Haarlem. Hij had toen een lichte voorschade en een iets gebogen chassis. Dat is toen hersteld. Maar helaas; na een tijdje reed ik hem zelf behoorlijk plat achterop een 3 weken oude Mitsubishi Galant of zo. Na een heel lang verhaal bleek ik uiteindelijk niet schuldig aan het ongeval, maar helaas was het toen al te laat om nog schade te claimen, de auto was alweer opgebouwd om hem te kunnen vervoeren. Uiteindelijk is het er nooit van gekomen om hem weer rijdend te krijgen. Na verloop van tijd is hij wegens ruimtegebrek gedemonteerd en na een aantal jaren gedemonteerd verhuisd naar Oude-Tonge. Uiteindelijk is hij in Januari 2007 naar een volgende eigenaar vertrokken, wegens grootscheepse uitverkoop van te zware restauratie-objecten. Nummer 25; AK400 38-BB-28 Kees Waij Nummer 29; GF-15-GD Blauwe Dyane 6 Capelle a.d. IJssel Ooit had ik ook een saai blauw eendje; een 2CV6 spécial uit 1981, gekocht in 1990 als auto nummer 30 ! Niet zo lang in bezit gehad. Maar wel nog een leuke vakantie in Frankrijk mee beleefd....het resultaat was een DAF 33, (auto 36 zie onder) die we onderweg tegen kwamen en rijdend meegenomen hebben.Gelukkig was ik met mijn toenmalige vriendin op stap, die ook haar rijbewijs had....zodat we beide auto's in convooi naar Nederland konden rijden. Na een poosje heb ik hem verkocht, voor weinig, weet geeneens meer waarom, want zo slecht was ie nou ook weer niet, zal wel weer ruimtegebrek geweest zijn. Bovendien was het CX tijdperk toen aangebroken, dus waarschijnlijk had ik er geen nuttig gebruik meer voor en waren alle stallingen VOL !! Nummer 31; Dyane 6 68-92-XV Nummer 32; Volvo 66 70-VZ-54 Auto nummer 35 was de eerste echte DAF, na al een tijdje een namaak DAF 66 gehad te hebben. Meer hierover op de DAF-pagina hier op de website En toen was er ineens heel snel auto nummer 36; een keihard DAFje 33, uit Frankrijk, 650 kilometer van huis rijdend meegenomen, maar wegens merksanering toch maar verkocht met pijn in het hart, want er mankeerde weinig aan......maar ja; de garage in Terheijden moest leeg dus moest ik plek maken hier beneden. Mijn BF-eend heeft zijn plekje ingenomen, ook niet de minste auto uit mijn collectie. Uithuilen en niet meer opnieuw beginnen...dag laatste DAF !! Acht jaar na het behalen van mijn rijbewijs eindelijk de gok gewaagd en een CX aangeschaft, dit werd auto 37. Zag er errrrrrug leuk uit; donkerblauw met wit dak. Vraag me niet wie dat gedacht en uitgevoerd heeft, in ieder geval niet de vorige eigenaar. Oorspronkelijk was het een metallicblauwe CX 2000. Een exemplaar zonder stuurbekrachting; op snelheid merk je er niks van, maar probeer zo'n wagen niet te parkeren in de stad, want dat is narigheid. Helaas was er teveel aan gerotzooid door de "liefhebber" die hem ooit zo leuk had laten spuiten. Uiteindelijk kreeg ik hem met geen mogelijkheid meer aan de praat en heb ik hem van ellende maar af laten takelen. Ik heb toen een andere CX gekocht met de bedoeling deze CX "na te bouwen" maar dat is er niet van gekomen; heb vervolgens gewoon een rijdende CX mèt APK gekocht Dat was dus deze zilveren CX 2.0 Pallas (auto 38). Reflex en Athéna bestond inmiddels niet meer als benaming, maar dit was in feite een soort Athéna, met grote glimmende wieldoppen. Heb het zelf nog een beetje erger gemaakt door er het dorpelblik van de gesloopte 77-er op te schroeven, dat stond wel "geinig". Om één of andere reden heeft de auto de benaming "présidentielle" gekregen. De aanschaf van deze CX was nog wel een verhaal apart, want de eerste proefrit vond plaats in Hellevoetsluis, vervolgens belde ik later terug en bleek de auto al verkocht te zijn. Mar een paar dagen later wilde de "nieuwe" eigenaar er weer vanaf en die woonde "om de hoek". Hij was ineens wel 200 gulden duurder.........raar verhaal, maar toch fijn eindelijk een rijdende CX te hebben. Op een bepaald moment nog bezig geweest er een LPG-installatie in te bouwen, omdat ik buiten de stad wilde gaan wonen. Heel zorgvuldig op een sloperij een installatie uitgebouwd en een weekje later in de CX geknutseld. En jawel.....hij startte direct op LPG ! Het plezier duurde niet lang want het membraan van de verdamper viel uit elkaar en daar heeft de carburateur wééééken plezier van gehad, regelmatig de CX op de vluchtstrook om weer een lading troep uit de carburateur te halen. De motor bleek uiteindelijk aardig versleten te zijn, na verloop van tijd begon de auto errrrrrggg te stinken als je er lange afstanden mee reed, omdat de motorolie uit het blok geperst werd. Omdat ik uiteindelijk verhuisde en elke dag aardig wat kilometers moest gaan maken moest ik op zoek naar een Diesel, het LPG avontuur is namelijk nooit afgemaakt, en is deze CX in de vergetelheid geraakt. Nog eens geprobeerd hem te verkopen, maar dat lukte niet. Uiteindelijk maar uit elkaar getrokken en af laten takelen. Auto 39; CX Réflex HR-70-VY Kromme klepdeksel. Oude Noorden
Auto 41 was ein-de-lijk de felbegeerde CX Break. Al vanaf mijn 12e was ik gek van zo'n CX en eigenlijk wilde ik geen berline, maar er was gewoon erg moeilijk aan een break te komen Auto 42 Pollus AK400 EB-96-54 Auto 47 CX Break Familiale HH-46-TZ Jan-Peter Omgebeund naar BJ-08-TS Auto 48 CX 2400IE Automatic HG-76-FJ Auto 51 was al een tijdje in de kennissenkring voordat ik hem in mijn bezit kreeg; de Athéna die voorheen van Herman Bobeldijk was, dat was weer een vriend van Rob van Wageningen, de grote broer van mijn beste vriend André (is het nog te volgen ?). Auto 52 was vermoedelijk de oudste CX-break van Nederland (08-10-1976) die nog bekend was toen ik hem sloopte in 2003. Hoe ik aan de auto ben gekomen is een heel verhaal, want ik heb er heel erg lang achteraan gezeten Ik heb alle advertenties en aantekeningen nog bewaard en als collage op een A4-tje gelijmd. Auto 54; KB-09-TD CX 2400IE ouders van Karen van Welsum Auto 57; Prestige 1979 FJ-24-JY Auto 58 CX Athéna GV-03-TS Auto 59 CX D Break grijs kenteken. VD-07-NB Auto 61 CX TurboDiesel 11/1/1984 KN-12-VJ Auto 65 2CV4 64-64-TN Auto 67 BP-23-HV C15D Oinkkk Mijn BX op LPG, auto 68, snel aangeschaft wegens gebrek aan achterbank...of was het nou teveel aan kinderen ?? Naar de sloop in Oktober 2000, na anderhalf jaar vele gelukkige kilometers, vanwege een verbrande klep (dat heb je als je te lui bent onderhoud te plegen !) en dus onverkoopbaar...helaas...snel even de nieuwe uitlaat eronderuit gesleuteld ! Jammer van de als nieuwe koppeling.....In zijn hoogtij-dagen liep ie 1 op 11 op gas, bijna gratis rijden dus.. Op zich een prima auto voor weinig geld, maar naar dat saaie grijze dashboard staren ging me na verloop van tijd wel vervelen, dus ik was er niet rouwig om dat het blok kapot ging. Roest zat er niet aan dus als dat blok heel was gebleven had ik er nog jaren mee kunnen rijden. Koppeling en uitlaat waren immers ook door mij vernieuwd. Auto 69 PN-96-DZ Peugeot 205 1.1 Auto 70 NT-68-BH Peugeot 205 1.1 Auto 71 KH-81-BX CX 2500 IE Automatic Auto 74 LB-LS-65 Peugeot 205 GTI |